Pleidooi voor het ethisch afwegen van morele vraagstukken in farmabedrijven

Wat is aanvaardbaar gedrag? Wat is acceptabel gedrag? Twee generaties terug was het antwoord daarop duidelijk, zegt bedrijfsethicus Raymond Zaal. Toen werden morele normen gedicteerd vanaf de kansel. Dat was overzichtelijk. Met de democratisering van moreel gezag, moeten we zelf op zoek naar de antwoorden op die vragen. Organisaties staan er nu minder positief op, zegt Raymond Zaal. “Het publiek verwacht duidelijke antwoorden op morele vraagstukken: een ‘humane’ rol van ondernemingen.” Zaal begint zijn presentatie prikkelend. Pakweg vijftig namen en beeldmerken van grote concerns vullen het beeldscherm. Bekende namen. Prestigieuze namen. “Dit zijn allemaal ondernemingen die veroordeeld zijn voor een misstand”, zegt Zaal droogjes. “Het is een misvatting dat het gemakkelijk is om je ethisch te gedragen. Er is geen sector van bedrijven die gevrijwaard blijft van morele dilemma’s.”

De farmaceutische industrie ligt onder vuur. Farmabedrijven verdienen geld als water, denkt het publiek. Ze houden de prijzen van medicijnen bewust hoog. Raymond Zaal relativeert die zienswijze door te laten zien dat de bedrijfsresultaten van farmabedrijven achterblijven bij die van de Standard & Poor’s benchmark (de S&P 500 is een aandelenindex van de Verenigde Staten). Maar toch… áls sommige farmabedrijven prijzen drastisch verhogen etst dit zich in het geheugen van het publiek. Farma heeft een getroebleerde reputatie. De vox pop zet farma snel in een verdomhoekje door specifieke branchekenmerken, zoals patentwetgeving die kan resulteren in monopolies en het ontbreken van concurrentie. Farma doet meestal zaken met de overheid. Niet eenvoudig. “Farmabedrijven zitten niet stil”, weet Zaal. In de Verenigde Staten worden de lobbykosten zorgvuldig bijgehouden. Nog vóór de verzekeringswereld, elektronica en de oliebranche voeren de farmabedrijven de lijst met lobby-uitgaven aan.

“De context is heel bepalend voor de keuzes die we maken”, zegt Raymond Zaal. “In een collegezaal of studeerkamer zijn keuzes niet ingewikkeld. Als we onder druk staan – om te presteren, hevige concurrentie, overleven misschien – wordt alles vloeibaar… dan is kiezen veel moeilijker. Denken en spreken over morele vraagstukken helpt om goed te analyseren en verantwoorde keuzes te maken.”

De deelnemers aan deze Roche Talk gaan in groepen in dialoog met elkaar over drie vraagstukken: 1) hebben farmaceutische bedrijven de morele plicht om betaalbare medicijnen te leveren?, 2) hebben farmaceutische bedrijven grotere verantwoordelijkheden dan ‘gewone’ bedrijven? en 3) moeten farmaceutische bedrijven de patiënt centraal stellen? Maar éérst krijgen we een stoomcursus door welke bril we kunnen kijken naar goed en fout. In de normatieve ethiek zijn vraagstukken op te lossen door bijvoorbeeld het consequentialisme of deontologie. De eerste benadering kijkt naar de gevolgen van de opties. De beste keuze is de optie die het meest rendeert, het meeste geluk brengt, de meest positieve uitslagen geeft. Vooral overheden gebruiken deze praktische benadering: effecten meten is een voorwaarde om dit goed te doen. De tweede benadering gaat uit van principes, je handelt alsof je zélf het object bent. Populair gezegd: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. In deze benadering wil je altijd rekening houden met de gerechtvaardigde belangen van anderen.

Uiterst boeiende dialogen leveren de vragen op. Het buikgevoel (ik wil iedereen helpen) botst met de ratio (ik kán niet iedereen helpen). Normen als de kosten per quality adjusted life year komen op tafel, de kosten van een behandeling relateren aan een extra levensjaar in goede gezondheid. Wíe bepaalt die norm precies en wat als de norm in mijn land veel lager ligt dan in een buurland? Het antwoord op de vraag ‘Moeten farmaceutische bedrijven de patiënt centraal stellen?’ roept bij Roche medewerkers al snel positieve antwoorden op. Onder leiding van Raymond Zaal bogen Masterstudenten ethiek  zich is essays over deze vraag. “Ze zouden wel gek zijn”, vonden sommigen. “Apple doet dat ook niet en toch spelen ze een essentiële rol in het leven van veel klanten.”

De veranderende sociale rol van bedrijven en de keuzes die bedrijven daarin maken zijn betekenisvol. Zo zeggen jonge talenten uit de millennial generatie dat het bijdragen aan een samenleving en werken met great people voor hen topprioriteiten zijn. Voor ondernemingen die - zoals Roche - verantwoord willen opereren opent dit goede perspectieven. Doing business good is doing good business.